Op stap met Miep


Kano-tripje op de Chestatee River

Zaterdag 24 juni. Om maar gelijk goed van start te gaan en de dagen met Miep optimaal te benutten (die hier logeert van 23 juni tot 8 juli), is er voor dit weekend een twee-daags kano-tripje gepland. Na ontbijt en koffie, pakken we alles in wat we wel en niet nodig zouden kunnen hebben (in een kano kan je tenminste een hoop meenemen...) en rijden naar Dahlonega (het accent komt op de 'o'), waar we 2 kano's besproken hebben bij de Appalachian Outfitters. Met een busje worden we naar het beginpunt gebracht aan de Chestatee River. Even later zitten de miepen in één kano en Chris in de andere met de meeste zooi om ook wat gewicht voor in de boot te hebben.

Chestatee River

Kano-en op de Chestatee blijkt een hele andere ervaring te zijn dan op de Allegheny in Pennsylvania. Hier zijn de oever tot aan het water begroeid en er staan bijna geen huizen; we peddelen door een algehele rust en het is prachtig. We hebben geweldig weer (volgens Chris een beetje erg warm) en hebben alle tijd. Eef tuurt voortdurend in het water om de vissen te bekijken en ziet om de haverklap forellen; helaas hebben we geen hengel zijn ons (en ook geen visvergunning). Verder proberen we schilpadden te ontdekken, maar helaas moeten we het vandaag zonder stellen.

Halverwege de middag komen we aan bij Big Bend Beach. Geen witte zandstranden en wuivende palmen, maar gewoon een rotsig, maar recht stukje waar je mag overnachten. Als eerste komt het bier tevoorschijn, want dat hebben we wel verdiend. Na het opzetten van de tent is het tijd voor een opfrissing in de Chestatee, want we hebben behoorlijk gezweet en zijn allemaal klef en warm. Met ons rug naar het andere groepje kampeerders (Amerikanen kunnen niet zoveel hebben wat betreft bloot) hijsen we ons in zwmekleding en wagen ons in de rivier. Voor mij nogal een spannende onderneming, zonder brace over de galdde keien, maar Chris onder steunt me voetje voor voetje en alles gaat goed.

Chestatee River

Na het zwemmen tijd voor meer bier en tijd voor de barbecue. We hebben een tijdje geleden een roostertje gekocht voor dit soort gelegenheden en dat kan nu eindelijk worden ingewijd. We maken een vuurtje in een kuil en daarop het rooster met vlees. De kippen hadden in de koelbox nog niet over ontdooien gedacht (de koelbox is dus goedgekeurd) en het is allang donker als we eindelijk klaar zijn met eten. We stoken het vuurtje nog een beetje op, maar zoeken al gauw de slaapzakken op.

Zondag 25 juni. We gaan vandaag traag van start (we zijn tenslotte met vakantie) na het ontbijt en nog een frisse duik, gaan we tegen 11-en weer in de kano zitten. Vandaag hebben we iets meer geluk wat betreft het dierenrijk: We zien een zwarte slang op de kant liggen, waar Chris een foto van probeert te maken en later vertelt ons natuurgidsje ons dat het een Common King Snake was, die gelukkig niet gevaarlijk is. Verder zien we gelukkig de langverwachte schilpadden (we hadden Eef verteld dat die hier voorkomen, maar moesten nog bewijs hebben), weer vele vissen en vogels. Om een hapje te eten gaan we even aan de kant liggen en luisteren naar geweerschoten die uit een veldje verderop komen. We maken wat anti-amerikaanse opmerken over jagen en geweren en vervolgens slaat één van de kogels een paar meter bij ons vandaan in de oever... de hoogste tijd om door te peddelen... rare Amerikanen. Later lassen we een veiligere pauze in voor een hapje en een peukje voor ons en een zwemgelegenheid voor Eef.

Chestatee RiverDe Chestatee River komt uit in Lake Lanier en daar moeten we pas echt peddelen. Twee dagen lang gingen we lekker stoomafwaarts en behalve sturen (waar Eef met de minuut beter in werd) hoefden we niet veel te doen. Het is niet echt duidelijk waar we opgepikt zullen worden en Chris stapt uit zijn boot om eens een kijkje te nemen. Volgens hem moeten we nog verder en na een poosje wachten en onduidelijkheid worden we gelukkig opgehaald in Lumpkin County Park.

Na ruim een uur zijn we weer in Atlanta en uit eten lijkt ons een mooi besluit van een mooi weekend. Na de vermoeiheid eraf gedouched te hebben gaan we naar Zocalo; een Mexicaans-achtige tent aan de overkant van 10th Street. Zocalo is een soort houten keet met plastic wanden, die tijdens openingtijden opgerold worden. We bestellen allerelei hapjes en daarbij margeritas. Eef is helemaal weg van de margeritas, die, naar ze zegt, nog beter zijn dan die van Papa Megchelse en dat wil nogal wat zeggen!

inhoud | index

Savannah

Skidaway Island State Park

Zaterdag zijn we op ons gemakje naar Savannah gereden: een stadje aan de kust, zo'n 4 uur rijden ten zuidoosten van Atlanta. We kampeerden in Skidaway Island State Park op een eiland vlakbij Savannah. Deze camping was weer prima; veel ruimte, veel bomen, grote plek voor de tent en natuurlijk een pick-nick tafel en fire ring met BBQ rooster. (Hier hebben we meteen gebruik van gemaakt.) De camping bleek wel een beetje ingesteld op grote kampeerwagens... er was bij ieder plekje stromend water (vonden we al luxe), electriciteit (hebben wij natuurlijk geen emplooi voor, maar is redelijk gebruikelijk op campings ook in Europa) en TV kabel aansluiting (dit is volledig bescheten). Wat een toestand. Stel je voor, een groot park, vol met enorme bomen (live oak), behangen met spaans mos (geeft een beetje treurwilg-achtig uiterlijk of - voor de kenners - Dr. Who / Planet of the Apes ambiance) en palmbomen. Overal hagedisjes, eekhoorntjes, boomklever-achtige vogeltjes, spechten en zelfs een moeder ree met twee gespikkelde Bambi's die langs de tent komen wandelen en een moeder wasbeertje met 4 kleintjes op sleeptouw. Voeg daar dan bij een verzameling Amerikanen in een camper van het formaat stadsbus, die naar hun plekje rijden, water, electriciteit en kabel aansluiten en vervolgens niet meer buiten komen maar binnnen voor de TV gaan zitten met de airconditioning aan en je hebt een beetje een beeld. Te gek voor woorden natuurlijk, maar voor ons wel rustig.

Skidaway Narrows

Eveline en Chris trotseren warmte en muggen om een rondwandeling te maken. Werkelijk heel leuk, een keer door een bos lopen waar voornamelijk palmbomen groeien... Het is een soort Biesbosch-achtig gebied (met dat verschil dat hier nog wel brak water en getijdenwerking is). Er zijn erg veel krabbetjes en vogels van de reigerfamilie.

Skidaway Narrows

De volgende dag maken we dezelfde wandeling, maar nu ook met Sita en we hebben een prachtig uitzicht over de Skidaway Narrows. Na de lunch rijden we naar Savannah. Het is een aardig oud (voor Amerikaanse begrippen dan) stadje met leuke straatjes en heeeeeel veel kleine parkjes op bijna iedere kruising.

 

Savannah River

Het is ook wel behoorlijk toeristisch en zeker dit weekend was het natuurlijk nogal druk. Hier hebben we een tijdje rondgewandeld waarna we ons naar het strand hebben begeven op tybee Island. Hier was het behoorlijk druk, maar er is zo'n 15 km strand dus al met al was het wel te doen. Een mooi zandstrand met heel fijn wit zit. Niet zoooo fijn natuurlijk, het zit meteen overal, maar dat moet je er toch een beetje voor over hebben. Het is 34 graden C en we hebben wel behoefte aan een frisse duik. Dit doen we dan ook, maar merken meteen dat het niet fris is: het water is redelijk helder, maar de temperatuur is voor een hollander bijna niet te bevatten - 27 graden! Er zijn leuke golven en aangezien je het in het water niet koud krijgt zwemmen we de hele middag. 's Avonds eten we bij een visrestaurant, Snappers, en we gaan redelijk vroeg onder de wol.

inhoud | index

Okeefenokee Swamp

Okeefenokee Swamp

Maandag staan we vroeg op en rijden naar Okeefenokee. Dit is een reusachtig moerasgebied (zo'n 40 bij 100 km) in het uiterste zuiden van Georgia. Hier wilden we al een hele tijd 'ns gaan kijken. We kamperen in een State Park er vlak bij. Hier zetten we eerst de tent op en gaan dan het Okeefenokee Swamp Park bezoeken. Dit is een beetje een toeristenval en eigenlijk wilden we er niet naar binnen, maar Eveline haalde ons over. We zien hier een boel krokodillen en schildpadden in kooien (en een paar in het semi-wild). (Er was zelfs een eenzame zwarte beer). Wel leuk was een jongeman die een aantal slangen aan het publiek toonde. Hij sprak zo zuidelijk dat we er weing van konden verstaan, maar met ons natuurboekje in de hand konden we het toch goed volgen. Hierna maakten we nog een wandeling in een ander park waarna Sita's enkel het wel genoeg vond.Okeefenokee Swamp

's Avonds natuurlijk weer een BBQ tussen de muggen, waarna we besluiten de volgende dag toch nog verder te rijden naar het zuiden, naar de hoofdingang van het Okeefenokee National Wildlife Preserve. Hier hoeven we niets te betalen (we hebben een jaarkaart voor National parks en Georgia State parks) maar het is er verbazend rustig.  Hier zien we uiteindelijk toch nog onze eerste wilde krokodillen, drie soorten libellen, vlinders, verschillende soorten spinnen, drie soorten hagedissen, een slang, meer verschillende  sprinkhanen dan er in ons boekje staan, veel moerasbomen en -planten, twee verschillende schildpadden (snapping turtels, brrrrr), kraanvogels, plaatselijke steekbeesten (steekvliegen van drie cm, wespen van 3 cm - het gaat hier allemaal in het groot ;o)) enz, enz.

 

Dit maakt de hele reis wel meer dan goed. We besluiten om nog 'ns terug te gaan om een meerdaagse kanotrektocht door het moeras te houden. (Dan moet het wel eerst gaan regenen, want ook het moeras heeft te lijden van de droogte). En dat allemaal ondanks de enorme vochtige hitte en de zwermen muggen en vliegjes en steekvliegen etc.; dat zegt wel wat!

Okeefenokee Swamp

Daarna was het nog 5 uur rijden naar huis, waar we nog net op tijd waren om het vuurwerk te zien!

inhoud | index